Lage rugpijn komt veel voor en is meestal niet ernstig. Vaak nemen de klachten binnen enkele dagen of weken vanzelf af. Blijft de pijn aanhouden, komt deze regelmatig terug of word je beperkt tijdens bewegen, werken of sporten? Dan kan fysiotherapie verstandig zijn.
Bij FyXsio onderzoeken we niet alleen waar je pijn voelt, maar ook hoe je lichaam als geheel beweegt en welke factoren mogelijk bijdragen aan je klachten.
Wanneer is fysiotherapie verstandig?
Een afspraak met de fysiotherapeut kan verstandig zijn wanneer:
- de rugpijn na één tot twee weken onvoldoende afneemt;
- de klachten steeds opnieuw terugkomen;
- zitten, bukken, draaien, tillen of opstaan moeilijk blijft;
- je minder goed kunt wandelen, werken of sporten;
- je onzeker bent over welke bewegingen veilig zijn;
- de pijn uitstraalt naar de bil of het been;
- je stijfheid of bewegingsbeperkingen ervaart;
- je na een eerdere periode van rust moeite hebt om activiteiten weer op te bouwen;
- de pijn samenhangt met een operatie, blessure of langdurige overbelasting;
- spanning, slaap, werkbelasting of bewegingsangst het herstel lijken te beïnvloeden.
Fysiotherapie is vooral zinvol wanneer rugpijn leidt tot beperkingen in het dagelijks functioneren. Tijdens het onderzoek bepalen we of fysiotherapeutische begeleiding passend is en welke aanpak aansluit bij jouw klacht en doelen.
Eerst screenen we op rode vlaggen
Voordat we beginnen met behandelen, voeren we een screening uit. Daarbij stellen we gerichte vragen om zogenaamde rode vlaggen uit te sluiten. Rode vlaggen zijn kenmerken die kunnen wijzen op een onderliggende aandoening waarvoor aanvullend medisch onderzoek nodig kan zijn.
We letten onder andere op signalen die zouden kunnen passen bij:
- een botbreuk;
- een infectie of ontstekingsaandoening;
- een neurologisch probleem;
- een tumor of andere ernstige onderliggende aandoening.
Wanneer we tijdens de screening aanwijzingen vinden die niet binnen het domein van de fysiotherapeut passen, behandelen we niet zomaar door. We adviseren dan contact met de huisarts of overleggen, met jouw toestemming, met een arts.
Wanneer moet je direct medische hulp zoeken?
Neem direct contact op met de huisarts of huisartsenpost wanneer rugpijn samengaat met:
- plotseling niet meer kunnen plassen of urine niet kunnen ophouden;
- verlies van controle over ontlasting;
- een doof gevoel rond de anus, geslachtsdelen of binnenzijde van de bovenbenen;
- snel toenemend krachtsverlies in één of beide benen;
- ernstige rugpijn na een flinke val of een ongeval;
- hoge koorts of ernstig ziek zijn in combinatie met rugpijn.
Deze klachten komen weinig voor, maar moeten snel medisch worden beoordeeld.
Uitgebreid lichamelijk onderzoek met SFMA
Wanneer er geen aanwijzingen zijn voor een ernstige onderliggende oorzaak, volgt een uitgebreid lichamelijk onderzoek. Bij FyXsio gebruiken we hierbij onder andere principes uit de Selective Functional Movement Assessment, oftewel SFMA.
Met de SFMA bekijken we niet alleen de onderrug, maar verschillende bewegingen van het hele lichaam. Denk aan:
- voorover- en achteroverbuigen;
- draaien van de romp;
- bewegen van de nek;
- heup- en schouderbewegingen;
- balans en controle tijdens staan en bewegen;
- verschillen tussen de linker- en rechterzijde.
Daarmee onderzoeken we of een beweging pijnlijk, beperkt of onvoldoende gecontroleerd is. Vervolgens kunnen we gerichter testen waar die beperking mogelijk vandaan komt.
Pijn in de onderrug betekent namelijk niet altijd dat de belangrijkste beïnvloedbare factor zich precies op die plek bevindt. Een beperking van de heup, verminderde controle van het bekken of een veranderd bewegingspatroon kan bijvoorbeeld extra belasting rond de onderrug geven.
De bevindingen uit het onderzoek worden altijd gecombineerd met je verhaal, je dagelijkse belasting en je persoonlijke doelen. Een bewegingsscreening is dus geen diagnose op zichzelf, maar een onderdeel van het totale fysiotherapeutische onderzoek.
Reciproke inhibitie: spieren werken samen
Voor goed bewegen moeten spieren niet alleen aanspannen, maar ook op het juiste moment kunnen ontspannen. Reciproke inhibitie beschrijft het neurologische principe waarbij het aanspannen van een spier gepaard gaat met remming van de spier die de tegenovergestelde beweging uitvoert.
Wanneer je bijvoorbeeld de spieren aan de voorkant van het bovenbeen aanspant, krijgen de spieren aan de achterkant een signaal waardoor zij relatief kunnen ontspannen. Zo kan een beweging soepel worden uitgevoerd.
Bij pijn, vermoeidheid, eerdere blessures of veranderde bewegingsgewoonten kan deze samenwerking minder efficiënt verlopen. Een spier kan relatief veel spanning leveren, terwijl een andere spier onvoldoende of te laat bijdraagt. Dit betekent niet automatisch dat één spier “uitgeschakeld” is. Het helpt ons wel om te onderzoeken hoe spieren tijdens een beweging samenwerken.
Het principe achter neurokinetische therapie
Binnen neurokinetische therapie kijken we naar de manier waarop het zenuwstelsel beweging organiseert. Het uitgangspunt is dat het lichaam na pijn, een blessure of langdurige overbelasting een aangepast bewegingspatroon kan gaan gebruiken.
Een spier of spiergroep kan daardoor relatief veel werk overnemen, terwijl een andere spier minder effectief bijdraagt. Zo’n compensatie kan aanvankelijk nuttig zijn: je lichaam zoekt een manier om toch te kunnen blijven bewegen. Wanneer dat patroon blijft bestaan, kan het echter minder efficiënt worden en mogelijk bijdragen aan terugkerende klachten.
Met gerichte spiertesten onderzoeken we mogelijke relaties tussen spieren en bewegingen. Daarna behandelen of activeren we de betrokken structuren en testen we de beweging opnieuw. Zo beoordelen we direct of een gekozen interventie daadwerkelijk iets verandert.
Deze principes gebruiken we als onderdeel van ons klinisch redeneren. Ze staan niet los van het volledige lichamelijke onderzoek en vormen geen garantie dat één specifieke spier dé oorzaak van rugpijn is.
Force closure: stabiliteit rond bekken en onderrug
De onderrug, het bekken en de heupen moeten tijdens staan, lopen en tillen krachten kunnen overdragen. Daarbij wordt vaak onderscheid gemaakt tussen form closure en force closure.
Form closure is de stabiliteit die ontstaat door de vorm van de gewrichten en de ondersteuning van de banden. Force closure is de aanvullende stabiliteit die ontstaat door samenwerking tussen spieren, fascia en het zenuwstelsel. Deze structuren leveren compressie en controle rond het bekken, onder andere ter hoogte van de SI-gewrichten.
Bij force closure kunnen onder meer de buikspieren, rugspieren, bilspieren, bekkenbodem en brede rugspier betrokken zijn. Ze hoeven niet allemaal maximaal aan te spannen. Het gaat juist om een goed gedoseerde samenwerking op het juiste moment.
Wanneer die samenwerking niet optimaal verloopt, kan het lichaam andere structuren extra belasten. Tijdens het onderzoek kijken we daarom naar controle, coördinatie en krachtoverdracht rond de romp, het bekken en de heupen. Force closure is een biomechanisch model waarmee die samenwerking kan worden beschreven; het is niet op zichzelf een diagnose.
Eerst ruimte creëren, daarna het resultaat trainen
Op basis van het onderzoek stellen we samen een behandelplan op. Dat plan is persoonlijk: niet iedere vorm van rugpijn vraagt om dezelfde behandeling.
Wanneer pijn, spierspanning of stijfheid het bewegen belemmert, kan de eerste fase bestaan uit een hands-onbehandeling. Afhankelijk van de bevindingen gebruiken we bijvoorbeeld:
- manuele behandeltechnieken;
- dry needling;
- behandeling van triggerpoints;
- fascia- en bindweefseltechnieken;
- mobiliserende technieken.
Het doel hiervan is om pijn of spanning te verminderen en bewegen gemakkelijker te maken. Hands-onbehandeling zien we niet als een volledige oplossing op zichzelf, maar als een mogelijke ondersteuning om daarna actief verder te kunnen werken.
Vervolgens bouwen we verder met oefentherapie. Daarbij richten we ons bijvoorbeeld op:
- mobiliteit van rug en heupen;
- spierkracht en belastbaarheid;
- samenwerking tussen romp-, bekken- en heupspieren;
- coördinatie en bewegingscontrole;
- vertrouwen in bewegen;
- geleidelijke hervatting van werk, sport en dagelijkse activiteiten.
We evalueren tussentijds of je daadwerkelijk beter beweegt en functioneert. Het uiteindelijke doel is niet alleen tijdelijke pijnvermindering, maar ook dat je weer zelfstandig kunt bewegen en beter weet hoe je met belasting en eventuele toekomstige klachten omgaat.

Lage rugpijn laten onderzoeken bij FyXsio
Blijven je klachten aanhouden, komen ze regelmatig terug of twijfel je of fysiotherapie geschikt is? Neem gerust contact met ons op. Mail ons of stuur eenvoudig een WhatsApp-bericht via de groene knop rechtsonder op de website. We denken graag met je mee!

Veelgestelde vragen over lage rugpijn
Moet ik met lage rugpijn blijven bewegen?
Meestal wel. Rustig bewegen en normale activiteiten binnen je mogelijkheden hervatten is doorgaans beter dan langdurige bedrust. Wissel houdingen af en bouw activiteiten geleidelijk op. Bij ernstige of snel toenemende klachten is eerst medische beoordeling verstandig.
Wanneer moet ik met rugpijn naar de fysiotherapeut?
Fysiotherapie kan verstandig zijn wanneer de pijn niet duidelijk afneemt, vaak terugkomt of je beperkt bij werken, slapen, wandelen, sporten of dagelijkse activiteiten. Je kunt ook eerder een afspraak maken wanneer je onzeker bent over de klacht of advies wilt over veilig bewegen.
Heb ik een verwijzing van de huisarts nodig?
In Nederland kun je meestal rechtstreeks een afspraak maken met een fysiotherapeut. Tijdens de eerste afspraak screenen we of fysiotherapie passend en veilig is. Wanneer aanvullend medisch onderzoek nodig lijkt, adviseren we contact met de huisarts.
Wat zijn rode vlaggen bij lage rugpijn?
Rode vlaggen zijn signalen die kunnen wijzen op een ernstige onderliggende oorzaak. Voorbeelden zijn problemen met plassen of ontlasting, een doof gevoel rond het zitvlak, toenemend krachtsverlies, hoge koorts of ernstige pijn na een ongeval. Bij zulke klachten moet je snel contact opnemen met een arts.
Wat houdt de screening bij FyXsio in?
We stellen vragen over het ontstaan en verloop van de pijn, uitstraling, kracht en gevoel, je algemene gezondheid en eventuele eerdere aandoeningen of ongevallen. Daarmee beoordelen we of fysiotherapeutisch onderzoek veilig en passend is.
Wat is een SFMA-onderzoek?
SFMA staat voor Selective Functional Movement Assessment. We bekijken verschillende bewegingen van het hele lichaam en onderzoeken vervolgens gerichter waarom een beweging pijnlijk, beperkt of onvoldoende gecontroleerd is.
Betekent uitstraling naar het been dat ik een hernia heb?
Nee. Uitstralende pijn kan verschillende oorzaken hebben. Een hernia is één mogelijkheid, maar pijn kan ook vanuit spieren, gewrichten of andere structuren worden gevoeld. Lichamelijk en neurologisch onderzoek helpt om dit beter te beoordelen.
Is dry needling altijd nodig bij lage rugpijn?
Nee. Dry needling wordt alleen overwogen wanneer het aansluit bij de onderzoeksbevindingen en behandeldoelen. Niet iedere patiënt of rugklacht heeft er baat bij. Het vormt, indien toegepast, meestal een onderdeel van een breder behandelplan.
Kan fascia therapie lage rugpijn verhelpen?
Fasciatechnieken kunnen bij sommige mensen helpen om spanning of bewegingsbeperking tijdelijk te verminderen. Het effect verschilt per persoon. Daarom combineren we een eventuele hands-onbehandeling doorgaans met beweging, oefentherapie en het opbouwen van belastbaarheid.
Hoeveel behandelingen heb ik nodig?
Dat hangt af van de oorzaak, duur en ernst van de klacht, je dagelijkse belasting en je hersteldoelen. Na de intake en het lichamelijke onderzoek bespreken we wat naar verwachting nodig is en evalueren we regelmatig of de behandeling voldoende resultaat geeft.



